|
Centra voor jeugd en gezin kunnen bureaus
jeugdzorg vervangen.
DEN HAAG - De Bureaus Jeugdzorg kunnen
dicht. De hulpverlening moet komen vanuit de Centra voor Jeugd
en Gezin, die onder gemeenten vallen. Dat zegt Bart Eigeman,
bestuurslid van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
Volgens Eigeman moet hulpverlening dichtbij het kind en het
gezin komen. Door jeugdzorg onder verantwoordelijkheid van de
gemeenten te plaatsen vervalt de taak van de Bureaus Jeugdzorg
die op provinciaal niveau opereren.
De Centra voor Jeugd en Gezin (CJG) zouden moeten werken zoals
huisartsen, stelt Eigeman eveneens voor. Mensen met een vraag of
probleem kunnen naar het (CJG) om doorverwezen te worden naar
deskundige hulp.
Eigeman baseert zich op een advies van de commissie-Paas, die
afgelopen zomer onderzoek deed naar jeugdzorg. (ANP)
Centra voor jeugd en gezin
2-11-2009 - Kinderen met kleine
problemen moeten veel dichter bij huis hulp kunnen vinden. Zo
kunnen ze sneller worden geholpen en hoeven ze niet bij een
Bureau Jeugdzorg aan te kloppen. De jeugdzorg kan zich dan bezig
gaan houden met de jongeren die zwaardere hulp in een instelling
nodig hebben.
Dat is de eerste reactie van de Tweede Kamer op een evaluatie
van de Wet op de Jeugdzorg die maandag is verschenen.
CDA-Kamerlid Madeleine van Toorenburg ziet de Centra voor Jeugd
en Gezin, die in steeds meer gemeenten verrijzen, als een soort
huisarts die lichtere klachten verhelpt maar doorverwijst naar
de jeugdzorg als er meer aan de hand is.

In de Achterhoek ...
e gemeenten gaan hard verder werken met het opzetten van de
Centra voor Jeugd en Gezin. Daar kunnen ouders en jeugd terecht
voor vragen over opvoeden, opgroeien en hulp. De provincie gaat
wachtlijsten in de jeugdzorg wegwerken. Een ander
gemeenschappelijk doel is het ondersteunen van jongeren die uit
een instelling voor jeugdzorg komen.
| |
|
Over wat plannen en gedachten uit de stad
waar ook echte knappe mensen werken
|
▲Top |
|
Michiel Mans
Op straat spreken we over
lulkoek, maar in Den Haag gebruikt men liever verzachtende
eufemismen. Het vorige kabinet had minder regelgeving en minder
overhead hoog in het vaandel staan. Ze bereikten niets.
Integendeel, het groeide verder als kool. Het huidige Grauw I,
blies hoog van de toren met dezelfde oude beloften. Men zou er
voortvarend mee aan de slag gaan, zo verzekerde men ons.
Er werd een verse hoge ambtenaar aangesteld, met inmiddels vast
een vers kantoor, voor vers snoeibeleid. Benieuwd hoe dat
inmiddels uitgedijd is. Nu heeft minister Rouvoet, Jeugd en
Gezin, met ruim vierhonderd miljoen, flink uitgepakt. Er komen
centra voor Jeugd en Gezin in scholen, buurthuizen en
gezondheidscentra. Ieder kind moet op termijn een elektriek
dossier krijgen.
Op zich een loffelijk streven om beter op ons kroost te gaan
passen en tijdig in te grijpen wanneer het fout dreigt te gaan.
Of met de ouders. De uitvoering is echter typisch een politieke.
Ondoordacht en wars van toetsing op praktische haalbaarheid. Het
staat tevens volledig haaks op ander ‘speerpunt’ beleid. De J&G
centra vervangen de traag werkende, slecht communicerende en
inefficiënte wouden aan bestaande jeugdzorgorganisaties niet,
maar worden eraan toegevoegd. Meer, niet minder mensen gaan in
overheid of semi-overheidsdienst. Meer, niet minder organisaties
komen er. Organisaties die allen hun eigen agenda,
miscommunicatie en beleid kennen. In alle opzichten, behalve de
gedachte erachter, een onzalig plan. Vers Haags jargon, en het
uitkramen ervan, laat aansluitende waanzin zien.
De 'Bemoeizorg' komt. Dat was eigenlijk bedoeld voor onwillige
psychisch gestoorden, best een goed overheidsinitiatief met
alleen een wat kinderlijke naam. Staatssecretaris van
Volksgezondheid Climence Ross-van Dorp, denkt echter dat het ook
van toepassing kan zijn op probleemgezinnen, en zo
kindermishandeling helpt voorkomen. Dus een extra
bemoeidepartement erbij voor de kroostzorg, met nog meer
bemoei-organisaties, extra personeel en vers bemoeibeleid met
bemoeiregels bovenop de huidige, grotendeels de problemen
veroorzakende structuren, beleid en regelgeving. Only in Den
Haag...
Bron: hetvrijevolk.com
Nederland heeft uiterlijk in 2011 een
netwerk van Centra voor Jeugd en Gezin, die probleemgezinnen
vroegtijdig moeten signaleren en zo nodig ingrijpen. Het kabinet
trekt de komende vier jaar 441 miljoen euro voor uit.
|
|
| 'Huwelijkscursussen
bij Centrum voor Jeugd en Gezin' |
▲Top |
27 juni 2007
DEN HAAG - De Centra voor Jeugd en Gezin die het kabinet
wil opzetten, moeten ook huwelijkscursussen gaan geven.
Zo kan beter worden voorkomen dat kinderen door gebroken
huwelijken in de problemen komen en in de jeugdzorg
belanden.
Dat stelde ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind
woensdag voor tijdens overleg met minister André Rouvoet
voor Jeugd en gezin. Hij reageerde op de observatie van
de MOgroep, de werkgeversorganisatie voor onder meer
jeugdzorg, dat scheidingen steeds vaker leiden tot een
beroep op de jeugdzorg.
Voordewind wees op de huwelijkscursussen die kerken en
andere religieuze organisaties nu al geven. Hij verwees
naar onderzoeken waaruit blijkt dat eenoudergezinnen een
extra risicofactor voor het kind zijn. Op de SGP na
reageerde de rest van de Tweede Kamer met verbazing op
Voordewinds suggestie. Rouvoet antwoordde dat in de
opvoedingshulp die een Centrum voor Jeugd en Gezin kan
geven relationele problemen wel aan de orde kunnen
komen, maar dat huwelijkscursussen niet in de eerste
plaats een taak zijn voor deze centra.
De Kamer sprak met de minister over de wachtlijsten in
de jeugdzorg, die het eerste kwartaal van dit jaar weer
zijn gegroeid. Nu wachten bijna 2100 kinderen op hulp,
terwijl dat er eind vorig jaar nog geen driehonderd
waren. Rouvoet heeft inmiddels 30 miljoen extra
uitgetrokken om deze wachtlijst snel weg te werken.
De Kamer drong er nogmaals op aan dat het snel afgelopen
moet zijn met de telkens weer oplopende wachtlijsten en
het extra geld dat steeds weer nodig is. Zelf gaat de
Kamer kijken waar de echte oorzaak ligt van de tekorten
in de jeugdzorg, Rouvoet heeft zelf ook onderzoek
aangekondigd.
In 2009 moet er ook een nieuwe manier van financieren
van de jeugdzorg liggen, die beter aansluit bij het
verwachte beroep dat erop wordt gedaan. Dit moet
voorkomen dat er om de paar maanden weer geld bijgelegd
moet worden.
Een fors deel van de Kamer maakte zich ook druk om de
vervangende zorg voor kinderen die niet meteen de hulp
kunnen krijgen waar ze recht op hebben. Zij tellen niet
meer mee voor de wachtlijsten. Volgens Rouvoet is dit
niet een manier op de wachtlijsten kunstmatig te
bekorten, maar gaat het om een wijze van tellen die met
de Kamer is afgesproken. Zodra de beste zorg beschikbaar
is, kan een kind daar alsnog gebruik van maken, zei de
minister.
Bron: telegraaf.nl
|
|
| Programma voor Jeugd
en Gezin: ambitieus, maar financierbaarheid onduidelijk |
▲Top |
26 juni 2007
Minister Rouvoet heeft op 25 juni aan VNG en IPO zijn
concept Programma voor Jeugd en Gezin voorgelegd voor
een eerste reactie. Het is een plan met veel ambitie:
intensivering van preventie (Centra voor Jeugd en
Gezin), van bestrijding wachtlijsten in de jeugdzorg,
kindermishandeling, jeugdcriminaliteit, enzovoorts. De
IPO-delegatie heeft ingebracht dat de provincies graag
willen meewerken aan dit programma, maar heeft daarbij
benadrukt dat het veel extra middelen zal vergen.
De minister gaf aan dat er ter investering in het
jeugdbeleid niet meer beschikbaar is dan de € 400
miljoen enveloppemiddelen, zoals vermeld in het
regeerakkoord. Daar moet het volgens hem voor gedaan
worden. Een deel daarvan is al belegd voor de Centra
voor Jeugd en Gezin (gemeenten). Voor overige onderdelen
van het programma, waaronder de jeugdzorg (provincies),
zijn de overige middelen gereserveerd. In het
regeringsprogramma staat daarvoor € 50 miljoen in 2008,
oplopend tot 150 miljoen in 2010.
De minister heeft bevestigd dat er voor de provincies
nog in 2007 een incidenteel bedrag van € 35 miljoen
beschikbaar komt, waarvan € 30 miljoen voor de
wachtlijsten en € 5 miljoen voor de Advies- en
Meldpunten Kindermishandeling. Deze middelen zullen zo
spoedig mogelijk worden verdeeld over de provincies en
drie grootstedelijke regio’s, zodat daadwerkelijke
besteding kan plaatsvinden. De IPO-delegatie heeft haar
waardering hierover uitgesproken, maar ook gewezen op
het probleem dat het gaat over een incidenteel bedrag,
waardoor onduidelijk blijft op welke wijze in de
jeugdzorg geïnvesteerd kan worden. Over de concrete
bedragen voor de jeugdzorg in 2008 en verdere jaren
heeft de minister nog geen enkele uitspraak gedaan. De
verwachting is dat hierover pas met Prinsjesdag meer
duidelijkheid zal ontstaan.
Op 27 juni is er een Algemeen Overleg in de Tweede Kamer
over de jeugdzorg, met name over de wachtlijsten bij het
zorgaanbod en bij de Advies- en Meldpunten
Kindermishandeling.
Bron: ipo.nl |
|
| Centra voor Jeugd en
Gezin helpen ouders |
▲Top |
Ouders met vragen over de opvoeding of gezondheid van
hun kinderen kunnen vanaf 2011 in elke regio terecht bij
een Centrum voor Jeugd en Gezin. De artsen in die centra
moeten probleemgezinnen vroegtijdig opsporen, en er
zonodig ingrijpen. Het kabinet en de Vereniging van
Nederlandse Gemeenten (VNG) trekken daar de komende vier
jaar samen 441 miljoen euro voor uit.
Minister Rouvoet van Jeugd en Gezin kondigde de
investering gisteren aan op een speciale 'Kindertop'. De
centra gaan zich richten op alle kinderen van nul tot en
met negentien jaar en krijgen onderdak in scholen,
buurthuizen, consultatiebureaus en gezondheidscentra. Ze
komen als eerste in grote steden, dan volgen de
probleemwijken in kleinere steden.
Volgens Rouvoet moeten de centra niet gezien worden als
wéér een extra instituut dat het jeugdbeleid moet
vormgeven. "We willen juist een deel van de wollen deken
weghalen. De centra moeten als een smeerolie gaan werken
tussen de verschillende instanties die nu op
verschillende gebiedjes met de kinderen werken. Ze
moeten het centrale loket worden waar ouders terecht
kunnen met uiteenlopende opvoedingsvragen."
Gezinnen die niet bij de centra aankloppen, maar wel
hulp nodig hebben, worden door speciale teams bezocht.
"Doordat alle instanties straks samenwerken, kan er in
noodsituaties sneller aan de bel worden getrokken."
Hoeveel centra er komen, wist Rouvoet gisteren nog niet.
Ook kunnen de taken per regio verschillen, want 'niet in
elke regio spelen dezelfde problemen.' Essentieel in de
opzet van de nieuwe centra is het elektronisch
kinddossier, waar 20 miljoen euro naar toe gaat. In het
dossier komt informatie over het kind zelf, maar ook
over de gezinssituatie en zijn omgeving. Scholen, medici
en hulpverleningsinstanties kunnen dat dossier met
informatie vullen, maar vanwege privacyregels niet
inzien. Dat kan alleen de jeugdgezondheidszorg, die ook
beoordeelt of ingrijpen noodzakelijk is.
Om te voorkomen dat meerdere instanties zich met een
kind bezighouden, zonder dat ze dat van elkaar weten,
komt er een Verwijsindex in 2009. Die index zorgt ervoor
dat hulpverleners die onafhankelijk van elkaar problemen
melden over hetzelfde kind met elkaar in contact komen,
aldus Rouvoet.
Bron:pzc.nl |
|
| Centrum voor Jeugd en
Gezin in elke gemeente |
▲Top |
Binnen vier jaar moet in elke Nederlandse gemeente een
Centrum voor Jeugd en Gezin zijn. Minister Rouvoet
(Jeugd en Gezin) trekt hiervoor de komende vier jaar 440
miljoen euro uit. ‘Dat is een hele hoop geld, maar het
is hard nodig’, aldus de minister.
In deze centra kunnen ouders terecht met al hun
opvoedingsvragen. Ook moet de jeugdzorg overzichtelijker
worden, doordat in de centra alle instanties (zoals GGD,
consultatiebureau en jeugdzorg) zijn vertegenwoordigd.
‘Hulpverleners hebben nu vaak hun eigen invalshoek’,
zegt Rouvoet. ‘Ik wil dat per gezin één persoon de regie
krijgt. Minder bureaucratische barrières dus. Ook moeten
hulpverleners de ouders meer op de huid zitten. Gewoon
die wijk in, aanbellen!’
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft toegezegd
aan de plannen van Rouvoet mee te werken. Minister en
gemeenten investeren allebei rond de 100 miljoen euro in
het project. De rest wordt bekostigd uit middelen die nu
al voor jeugd naar de gemeenten gaan. |
|
| 440 MILJOEN EURO VOOR CENTRA JEUGD EN
GEZIN |
▲Top |
6 juni 2007
Minister Rouvoet (Jeugd en Gezin) stelt 440 miljoen euro
beschikbaar voor Centra voor Jeugd en Gezin. Binnen vier
jaar moet iedere gemeente zo'n centrum hebben. Hij
maakte dit bekend tijdens de Kindertop op 6 juni 2007.
Op de Kindertop presenteerde minister Rouvoet samen met
staatssecretaris Dijksma (OCW) de hoofdpunten van hun
beleid.
Centra voor Jeugd en Gezin
De Centra voor Jeugd en Gezin richten zich op kinderen
tot en met achttien jaar.
In deze centra kunnen ouders en hun kinderen medische,
sociale en educatieve ondersteuning krijgen. De centra
komen in consultatiebureaus, scholen en andere
gezondheidscentra.
Kindertop
In de aanloop van deze Kindertop toerde minister Rouvoet
met een bus door het land. Hij bezocht projecten en
instellingen die met jongeren bezig zijn. Bij de
werkbezoeken waren regelmatig ook andere bewindspersonen
aanwezig.
Daarnaast waren er discussies op de website 'Op weg naar
de Kindertop'.
Tijdens de Kindertop bespraken Rouvoet en Dijksma de
bevindingen die zij opdeden in deze gesprekken. Ongeveer
400 mensen namen deel aan de Kindertop. Ook kinderen en
jongeren kregen een uitnodiging.
|
|
| Elke gemeente krijgt
Centrum voor Jeugd en Gezin |
▲Top |
07 februari 2006
In elke stad en dorp komt één loket waarin alle
instellingen die zich met jeugdzorg bezighouden,
samenwerken. Dit Centrum voor Jeugd en Gezin moet de
versnippering van de zorg tegengaan zodat jongeren niet
langer tussen wal en schip vallen. Alle dossiers worden
samengevoegd zodat in één oogopslag duidelijk is welke
problemen er van een bepaalde jongere bekend zijn.
Staatssecretaris Ross van VWS heeft dit gisteren bekend
gemaakt. Hiermee neemt zij het advies over van Steven
van Eijck (Operatie Jong) om de gemeenten
verantwoordelijk te maken en het geld en middelen voor
jeugdbeleid aan hen te geven.
Om de problemen goed in kaart te krijgen wil het kabinet
jaarlijks een monitor jeugdbeleid maken. Elke gemeente
krijgt een wethouder die verantwoordelijk is voor het
jeugdbeleid. Die wethouder bepaalt aan de hand van de
monitor welke problemen met voorrang moeten worden
aangepakt. De gemeenteraad beoordeelt jaarlijks of er
vooruitgang wordt geboekt bij de aanpak. Als er
problemen zijn die de gemeenten niet kunnen oplossen, is
er hulp in te kopen bij de provinciale bureaus
jeugdzorg. Dat kost de gemeenten extra geld. De
bedoeling is dat gemeenten op die manier geprikkeld
worden meer te doen aan het voorkomen van de problemen.
Bron: Nederlands Dagblad en Brabants Dagblad |
|